Het rapport ’Werk boven uitkering? Een onderzoek naar de maatschappelijke resultaten van re-integratiebeleid in Haarlemmermeer’ geeft een mooi kijkje in het bijstandsbeleid van de gemeente Haarlemmermeer. De Rekenkamercommissie van Haarlemmermeer (RKC) uit in het ongevraagde rapport geen keiharde kritiek op de gemeente. Wel worden er diverse vragen geopperd, zoals: Moet de gemeente geld investeren in kanslozen op werk? Mogen bijstandsgerechtigden zelf hun re-integratietraject kunnen kiezen? Zijn de opleidingen effectief genoeg?

ONDERVERDELING Elke inwoner van Haarlemmermeer die zich meldt voor een bijstanduitkering wordt door een Inkomensspecialist beoordeeld. Is er recht op een uitkering, dan dan wordt hij of zij uitgenodigd voor een gesprek met de Casemanager Werk. Het is de bedoeling dat die gedurende de hele ondersteuningsperiode vaste contactpersoon is.

Wie gelijk kan werken, wordt doorgeschoven naar Werkgeversservicepunt Groot-Amsterdam, de rest belandt voor een training perspectief bij AM Match13, een samenwerking van de gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Haarlemmermeer, Ouder-Amstel en Uithoorn. Het doel is mensen via de Participatiewet naar betaald werk te leiden.
De casemanager bepaalt welke trajecten en ondersteuning deze bijstandsgerechtigden krijgen. Dat gebeurt aan de hand van een indeling in vier groepen. A staat voor iemand die direct aan het werk zou kunnen. In B zitten mensen met niet of nauwelijks lichamelijke en/of psychische beperkingen die drie maanden tot een jaar nodig om aan een baan te komen. Categorie C is vergelijkbaar met groep B alleen zijn in deze groep wel lichamelijke en/of psychische beperkingen aanwezig. Het duurt zeker een jaar voor dat zij aan de bak kunnen. Voor bijstandsgerechtigden in D is de kans klein dat zij ooit nog betaald zullen werken. Vrijwilligerswerk of dagbesteding past bij hen beter.

WEINIG PERSPECTIEF De gemeente zet sinds 2017 vol in om zoveel mogelijk mensen de bijstand uit te krijgen via betaald werk. De nieuwe aanpak kent vier onderdelen: screening bij een aanvraag; extra inzet om bijstandsgerechtigden naar werk te begeleiden; extra inzet op handhaving van verplichtingen; en verbeterd debiteurenbeleid.
Wie een grote afstand tot werk heeft, past dus niet in dit beleid. En Haarlemmermeer telt wat dat betreft een bovengemiddeld aantal mensen, dit vanwege de sterkte economische positie. Wie kán werken, dit dit vaak ook al. Bijna de helft van de ruim 2.300 bijstandsgerechtigden had eind 2019 namelijk dan ook weinig perspectief op betaald werk.

Redenen zijn belemmeringen zoals een slechte fysieke gezondheid, schulden of het verlenen van mantelzorg. De helft van deze groep heeft een tijdelijke ontheffing van de sollicitatieplicht bijvoorbeeld op medische gronden of problemen die moeten worden opgelost. Een klein deel heeft ontheffing vanwege de zorg voor kinderen jonger dan 5 jaar.

De commissie vindt het opvallend dat 56 procent in categorie D een formele ontheffing van de sollicitatieplicht heeft, voor een deel van de rest geldt een informele ontheffing. Onderzoekers konden geen harde cijfers krijgen over de omvang van die groep. Wel komt de vraag naar voren wat er moet gebeuren met deze groep. Solliciteren is zinloos voor deze kansloze bijstandsgerechtigde en de casemanager heeft extra werk aan de controles.

Is het niet beter een andere programma ze aan te bieden? Er wordt namelijk gesteld dat een bepaalde vorm van begeleiding wel zinvol is. Naast directe uitstroom naar werk kunnen bijstandsgerechtigden ook andere, positieve effecten ervaren van begeleiding door de gemeente. Hier gaat het om een grotere zelfverzekerdheid, een beter beeld van welk werk wel en niet past, het wegnemen van specifieke belemmeringen om aan het werk te gaan en een versterkt gevoel dat werk wél een optie is.

"We concluderen tegelijkertijd ook dat er een groot deel bijstandsgerechtigden is dat deze effecten niet ervaart laat de Rekenkamercommsie weten. "Zij krijgen niet of nauwelijks hulp krijgt om zich te ontwikkelen, ook niet op een gebied wat dan wel niet direct de werkkans vergoot, maar wel zorgt voor een beter gevoel, en een betere maatschappelijk positie. We bevelen de gemeenteraad aan om een debat te voeren over de ambities van het re-integratiebeleid specifiek voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Onze raad aan het College adviseert is om beleid te maken voor bijstandsgerechtigden met weinig perspectief op betaald werk. ‘Of en zo ja, hoeveel geld moet de gemeente in deze groep investeren? Ze zouden ook hulp kunnen krijgen zelfredzamer te worden of op andere wijze te participeren in de samenleving, zoals via vrijwilligerswerk."

Overigens heeft in categorie B 2 procent een ontheffing van sollicitatieplicht, en in categorie C 7 procent.

OPLEIDINGEN Er is ook kritiek op het gebied van opleidingen. In groepen B en C worden die volop geboden. Echter het gewenste effect is zeer klein. In totaal heeft tussen 2017 en 2019 21 procent (493 van de 2.343) van de huidige bijstandsgerechtigden ten minste één training of traject direct gericht op werk gevolgd. Zij hebben uiteraard een grotere kans om aan het werk te komen dan degenen die geen training of traject deden: 12 ten opzichte van 4 procent. Maar het verschil is dus niet heel groot.

Vooral bijstandsgerechtigden in categorie C komen na training of traject vaker aan het werk. In die categorie is na het volgen van een training of traject 12 procent uitgestroomd naar werk, terwijl maar 5 procent zonder training of traject uitstroomde. In groep B is maar een klein percentage extra uitgestroomd na het volgen van een traject of training: 18 procent mét opleiding tegenover 16 procent zonder. Tegelijkertijd krijgen bijstandsgerechtigden in B wel vaker een training of traject aangeboden, dan die uit groep C, waarvan je mag verwachten dat die juist een intensievere begeleiding nodig hebben.

MUURVAST De bijstand in Haarlemmermeer zit muurvast, zo blijkt. Van de 2.105 uitkeringsdossiers (partners tellen als één dossier) die op 1 januari 2019 liepen, waren er op 1 november 2019 slechts 123 (6 procent) afgesloten vanwege het vinden van werk. Een gemiddelde van 12 per maand dus.

Aan AM Match ligt dit niet. De doelstelling is dat 40 procent van de deelnemers aan de Match Je Perspectief-training naar betaald werk uitstroomt. In 2018 was dat de helft, in 2019 was dit 35 procent. AM Match stelt dat veel deelnemers positief zijn over de training en dat zij zich bijvoorbeeld beter of zekerder voelen en zij meer contacten hebben met mensen dan voorheen.

Een deel van het onderzoek is gebaseerd ingevulde vragenlijsten door bijstandsgerechtigden. Hieruit blijkt dat de helft van hen die met ondersteuning kans maakt op betaald werk, tevreden is over de hulp van de gemeente, een kwart is hierin neutraal. De rest is ontevreden over de geboden hulp. Een kwart weet niet eens wie hun casemanager is.
Het grootste kritiekpunt is dat mensen niet het gevoel hebben mee te kunnen beslissen over hun ondersteuning. De RKC beveelt dan ook aan bijstandsgerechtigden meer invloed te geven op bijvoorbeeld deelname aan een training.

REACTIE GEMEENTE  In een reactie laat burgemeester Schuurmans de Rekenkamercommissie Haarlemmermeer namens B&W weten zich te herkennen in de bevindingen over wie een beroep doen op bijstand in Haarlemmermeer. "Dat 23 procent van de bijstandsgerechtigden een tijdelijke ontheffing heeft tegen een landelijk gemiddelde van 10 procent, verbaast ons daarom ook niet. We benadrukken dat voor het gehele bijstandsbestand, dus ook voor categorie D geldt, dat alleen tijdelijke ontheffingen worden verleend. Deze inwoners houden ondanks een dergelijke ontheffing wel contact met de gemeente, in deze gevallen met hun casemanager werk."

"Uit dit onderzoek blijkt dat het bijstandsbestand in Haarlemmermeer eind 2019 klein was. Dat we nu zijn uitgekomen op een groep die andere begeleiding nodig heeft dan de instrumenten die we de afgelopen jaren inzetten en werkten, maar vooral gericht zijn op uitstroom naar werk. Wij waren reeds gestart zoals hierboven beschreven met het inzetten van maatwerk. Door de coronacrisis verwachten we een groei van het bijstandsbestand. De samenstelling van het bestand zal meer divers worden. Deze ontwikkeling vraagt dat wij opnieuw keuzes maken voor welke groepen uit de bijstand wij re-integratie willen inzetten en met welke instrumenten we dat doen."

CIJFERS HAARLEMMERMEER De leeftijdsopbouw bijstandsbestand: 18-24 jaar 6,6 procent; 25-34 jaar 18,8 procent; 35-44 jaar 23,4 procent; 45-54 jaar 22,7 procent; 55 jaar en ouder 28,5 procent. Iets meer dan een kwart (27 procent) van de bijstandsgerechtigden is statushouder.
* Het percentage vrouwen hoger is dan het percentage mannen (57 - 43 procent).
* Het aandeel bijstandsgerechtigden lag eind 2019 lag lager (1,5 procent) dan gemiddeld in Nederland (2,5 procent).
* De hoogte van de bijstandsuitkering inclusief vakantiegeld in euro's: 1.059 (alleenstaande) 1.512 (stel).